Turbomolens

Bij centrifugaal- of turbomolens wordt het maalgoed centraal in de molen opgegeven en met, door de rotor opgewekte centrifugale kracht, tegen een maalbaan of zeefkorf geslingerd. Hierbij worden rotoromtreksnelheden bereikt tot 125 m/sec.

Dit molentype wordt toegepast voor het verkleinen van zachte producten tot een eindfijnheid d99 = 100 µm. bij een relatief brede korrelspreiding. Turbomolens genereren een hoge luchtverplaatsing wat een koele vermaling tot gevolg heeft.

Turborotor

Bij de centrifugaalmolens kan afhankelijk van het maalgoed en de gewenste eindfijnheid, gekozen worden uit meerdere rotor- en statoruitvoeringen, in combinatie met zeefinzetten of maalbanen.

Uitrustingsvarianten zijn:

  • Kruisslagrotor
  • Pennenrotor
  • Schijvensnijrotor
  • Doorgaande zeefkorf
  • Maalbaan met zeef
  • Maalbaan met uittredespleet

Kenmerken:

  • Leverbaar als pennen-, ventilator- en kruisslagmolen
  • Voor zachtere producten met max. 3,5 Mohs hardheid
  • Fijnheidbereik d97 300 - 80 µm
  • Bouwgrootten met maalkamer diameter van 100 - 1.600 mm
  • Ook leverbaar als tweezijdig aangedreven pennenmolen
  • Speciale uitvoeringen voor cryogeen malen

 

Terug